22-01-12
Even nog
Even nog
loodzwaar
mijn gewrichten janken
bij elke stap
het is ze teveel
bijna een halve eeuw tenslotte
even nog hou ik ze voor
hi het nog even vol
nog heel even en dan
zijn we er
© Fatima Ualgasi
21:44
Gepost door Fatima Ualgasi
in Gedicht |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
|
Facebook
|
25-04-10
Gedicht: Kaars
Kaars
één vlammetje is genoeg
zij hoopt niet
de hele kamer te verlichten
wie de wereld
in dit licht wil zien
komt wel dichterbij
wie het koud laat
brandt zijn vingers niet
©Fatima Ualgasi
01:50
Gepost door Fatima Ualgasi
in Gedicht |
Permalink
| Commentaren (1)
| Email dit
|
Facebook
|
25-12-08
Prettige feesten
12:45
Gepost door Fatima Ualgasi
in Algemeen |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
|
Facebook
|
12-11-08
De vele gezichten van de dood
Meer dan 10 jaar geleden alweer volgde ik een cursus Literaire creatie in de muziekschool van Grimbergen, onder begeleiding van Koen Stassijns en Ivo Van Strijtem. Tijdens het eerste jaar betrokken deze dichters ons bij een project dat ze zelf voorbereiden, samen met een aantal beeldende kunstenaars, rond het werk van de Duitse kunstenares Käthe Kollwitz. De tentoonstelling zou plaatsvinden in Koekelare. Dat ligt immers dichtbij het soldatenkerkhof in Vladslo, waar je onderstaand beeldenpaar van Kollwitz kan zien.
Als werktitel had het project "de vele gezichten van de dood". Omdat de dood een van de grote constanten is in het werk van Kollwitz. Zelf ben ik in mijn leven maar al te vaal geconfronteerd geweest met de dood in diverse vormen. Het is dan ook geen wonder dat het thema bij mij tot een hele cyclus leidde, met de dezelfde titel. Het is veruit de meest persoonlijk tekst die ik ooit geschreven heb. Wat het voor mij moeilijk blijft maken om hem te lezen, laat staan voor te lezen. Maar eigenlijk mag hij hier niet ontbreken. Te meer daar het met deze cyclus is dat ik destijds een gedeelde eerste prijs behaalde in de Nederlandse El Hizjra wedstrijd.
De vele gezichten van de dood
een
ik ben in de buik
van mijn mama
we bezoeken Oma Rattaj
zij sterft
ik word geboren
twee
ik lig een maand
in het ziekenhuis
mama en papa trouwen
maar niet voor lang
mama brengt me
naar opa en oma
ik blijf er
mama is mijn mama
niet meer
drie
ik ben nog heel klein
Mieke de Gans is even groot
zij sterft
ik weet nog waar zij ligt
onder de kersenboom
die er niet meer is
op de tuin waar
ik erwten plukte
staat een huis
het vergezicht is dood
vier
ik ben zes
moeder zegt tegen oma
hij is dood
ik weet wie hij is
dit is een kerkhof
maar er is geen zerk
alleen aarde
ik kan goed lezen
op een houten lat
staat mijn naam
zwart op wit
bewijs dat ik
een vader heb
het graf is weg
zijn foto verloren
hij sterft telkens weer
zo vreemd
is voor mij nooit geweest
vijf
de buurman die koekjes bracht sterft
de bozeheksbuurvrouw en
de dronken buurman ook
de magere buurvrouw sterft
dansend
oma droomt van de
buurvrouw die de kat vermoordde
zij roept Agnes, Agnes
men vindt haar dood
zes
opa rijdt vrachtwagen
heeft zijn hele leven
de dood ontweken
hij vindt hem toch
een zee van vuur
ik ben zeventien
op de vensterbank
in het ziekenhuis
vind ik een kevertje
het is dood
oma droomt van
weerloze konijntjes
zeven
Tante Hedels benen
worden afgezet
zij sterft nog
kleiner dan ze was
Onkel Siegfried verhuisde
ik kan de druiven
niet meer plukken
het huis is dood
acht
Greifswald
zomer 1989
Praag ligt nu
in Tsjechië
twee van mijn
vaderlanden
zijn dood
©Fatima Ualgasi
00:06
Gepost door Fatima Ualgasi
in Gedicht |
Permalink
| Commentaren (1)
| Email dit
|
Facebook
|
24-08-08
Gedicht: Versteld
Versteld
alle losse eindjes
worden ingestopt
iedere steek van de naald
haalt de banden
tussen de stoflagen
nauwer aan
geen vingerhoed
ik weet dat ik me prikken kan
maar dat aanvaard ik
want ik heb dit kleed nodig
©Fatima Ualgasi
11-02-08
Ladder
Iemand heeft van mijn gedicht Ladder een gebed gemaakt. Vreemd...
19:15
Gepost door Fatima Ualgasi
in Algemeen |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
|
Facebook
|
15-06-07
Meisje
Late namiddag op een zomers terras. Ik heb een boek op schoot en geniet van de zon. Een tafeltje verder zitten twee dames te praten. Een kind komt aangefietst. Een blond meisje, zo'n jaar of zeven, acht misschien. Roze topje op een wit rokje en wit met roze slippertjes aan haar voeten. Ze rijdt op een turkooise fiets. Op en top een meisje.
Met een zwierige bocht stopt het kind stopt aan het tafeltje met de twee dames. Mama, mama, roept ze, ik ken een mop. Ze steekt meteen van wal. Een vrouw ligt in het ziekenhuis en ze moet bevallen. Maar de baby komt niet. Uiteindelijk zegt de dokter dat het een keizersnede wordt. Hij snijdt de buik van de zwangere vrouw open. Daar treft hij de baby aan, die een vrolijk liedje zingt: mama, mam, ik wil er nog niet ui-huit.
Hahaha, klatert haar lach over het plein. De moeder van het meisje en haar vriendin lachen mee. Meer om het kind dan om de mop. Want die hebben ze - evenmin als ikzelf - gesnapt, zo blijkt. Het meisje herhaalt de pointe en zingt het liedje van de baby die niet geboren wou worden nog eens opnieuw. Twee keer zelfs. Ze doet een uitleg maar die kan ik niet horen. Uit de gezichtsuitdrukking van de dames kan ik afleiden dat de uitleg niet lijkt bij te dragen tot een beter begrip.
De tijden zijn veranderd, denk ik. Waar haalt zo'n jong kind zo'n verhaal vandaan? Ik wist op die leeftijd nog niet eens dat babies uit de buik van hun moeder komen. Ik had nochtans al twee broertjes en één zusje. Maar die waren voor zover ik wist uit een kool gekomen, ergens op een veld, en daarna - hoe, daar had ik zelfs niet eens over nagedacht - waren ze in het ziekenhuis terechtgekomen, waar ik ze samen met Opa en Oma ging bekijken.
Dat van die kool leek mij geloofwaardig. We hadden een volkstuintje: ik wist dus hoe kolen eruit zagen vooraleer ze gekookt en van witte saus voorzien op je bord liggen. Naar mijn ervaring was zo'n kool vrij groot en een baby erg klein, dus die kon daar best wel ingezeten hebben. Misschien is het daarom dat ik me over de babykwestie geen verdere vragen stelde. Als ik een theorie had die leek te kloppen was ik daarmee tevreden.
Ik herinner me nog dat ik veel meer moeite heb gehad met het concept eiland. Dat woord leerde ik kennen toen ik een jaar of vijf was en met Opa en Oma een bezoek bracht aan het eiland Walcheren. Hoe ik erop gekomen ben, herinner ik me niet meer maar lange tijd heb ik geloofd at eilanden platte schijven land waren die op het water dreven.
Alleen met dat drijven had ik een probleem. Daar moest ik een bijkomende theorie voor bedenken. Dat eiland Walcheren dreef namelijk niet. Het was net zo stabiel als het zogenaamde vasteland. Er moest dus iets zijn dat eilanden verhinderde om te drijven, besloot ik. We waren naar dat eiland gegaan via een overzetboot. Ik had al wel boten gezien, tenslotte woon ik in een stad aan het kanaal Brussel-Willebroek. Maar nooit van dichtbij. Schepen bleken een anker te hebben. Aha, dacht ik met mijn vijfjarig brein: eilanden hebben natuurlijk ook ankers. Voilà, fenomeen verklaard.
Ik sta altijd paf van kinderen die vragen stellen. Ik deed dat zelden of nooit, ik bedacht zelf wel een theorie. Met alle gevolgen vandien. Ik deelde mijn theorieën ook niet mee, zodat het soms al wel eens lang kon duren voor ik achter de ware toedracht van een en ander kwam.
Soms vond ik mijn theorie beter dan de werkelijkheid. Tot op de dag van vandaag vind ik dat mijn idee van wat een eiland is, eigenlijk de juiste zou moeten zijn. Een eiland hoort omringd te zijn door water. Helemaal omringd, ook onderaan. Waarom noemen wij de ene landmassa een eiland en en andere een continent? Gewoon omwille van de omvang? Dat is toch onzin? Nee, daar moet je bij mij niet mee afkomen. Engeland is helemaal geen eiland, het is gewoon een mini-continent en dus evengoed vasteland als de rest van Europa.
Een echt eiland hoort op het water te drijven, al dan niet voorzien van een anker. Eigenlijk vind ik eilanden met een anker al iets artificieels. Dat ding komt daar niet van nature, dat is iets van menselijke makelij. Dus een echt, echt eiland, een wild eiland zeg maar, heeft helemaal geen anker. Het drijft vrij rond op de wereldzeeën, met de stroming en de golven mee. Misschien dat walwissen ze af en toe eens een duwtje geven. Geef toe, walvissen die met een wild eiland spelen: vindt u dat ook niet veruit te verkiezen boven de werkelijkheid?
Eigenlijk is er toch niet zoveel veranderd, bedenk ik. Kinderen zijn nog steeds kinderen.
12:30
Gepost door Fatima Ualgasi
in Bedenking |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: bedenkingen |
Facebook
|
06-06-07
Onzekerheid
Ik zit momenteel met veel twijfels rond mijn deelname aan het masterclassproject. Onze begeleider, Stefan Hertmans heeft het regelmatig over hoe dit project een leerschool is niet alleen voor schrijverschap maar ook voor het leren omgaan met deze specifieke professionele omgeving. Ik heb twijfels over mezelf op beide vlakken.
Als ik hoor dat een aantal van mijn medecursisten spontaan door uitgevers zijnaangesproken, het is hen vanharte gegund, maar het maakt mij wel onzeker. Ben ik dan zo slecht dat niemand het de moeite vond om mij te contacteren? Het kan natuurlijk, maar anderzijds: zou ik de El Hizjra prijs gewonnen hebben als ik zo slecht zou schrijven? Zou een gedicht van mij meer dan 200 keer op het internet geciteerd zijn als het niet goed was? Toch blijft de twijfel knagen.
Als je niet vanzelf wordt opgemerkt, kan je nog altijd jezelf verkopen, natuurlijk. Maar ik ben geen goede verkoper. Daarvoor ontbreekt het mij aan zelfvertrouwen, iets wat mij ook op andere vlakken parten speelt. De ergste vraag die men mij bij een sollicitatie kon stellen was: waarom zouden wij u aanwerven, wat onderscheidt u van andere kandidaten. Wat onderscheidt mij van andere schrijvers? Waarom zou iemand van mij houden? Waarom zou een arts mij geloven als ik zeg dat ik echt niet terug kan gaan werken ook al vindt hij medisch geen verklaring voor mijn problemen? Dat zijn allemaal gelijkaardige vragen waar ik met de beste wil van de wereld geen antwoord op kan verzinnen. Ik vind immers geen valabele argumenten en als degene die de vraag stelt het antwoord ook niet kent, dan is het voor mij bij voorbaat een verloren zaak. Hoe zou ik iemand, wie ook, van mijn waarde kunnen overtuigen als ik zelf overtuigd moet worden?
En dan is er nog mijn gebrekkig incasseringsvermogen. Ik heb de afgelopen zeven jaar echt wel enorm veel moeten slikken. Ik heb op dat vlak nooit echt sterk in mijn schoenen gestaan, maar de laatste jaren was het werkelijk het een na het ander, zonder ophouden. Bij iedere nieuwe klap heb ik mijn psychische draagkracht verder achteruit voelen gaan. Ik ben een vechter, ik heb die zeven jaar overleefd op pure strijd- en levenslust. Maar sinds mijn depressie vorig jaar moet ik ook op dat vlak ontzettend diep graven voor ik er nog uit kan putten en er is niet veel nodig om mijn moeite teniet te doen. Ik verdraag bijna letterlijk niets meer.
Dit heeft voor problemen gezorgd tijdens de loop van dit project. Meermaals. Iedere klap heeft me weer verder uitgehold. Ik heb zo hard moeten werken om terug uit mijn put te verrijzen en kort voor ik aan deze masterclass begon, was het me gelukt. Nu sta ik terug waar ik stond. Ik moet weer vechten tegen dezelfde demonen en ik weet niet waar ik de kracht daarvoor moet gaan halen.
Wat kan ik uit dat alles concluderen dan dat ik het niet aankan? Net als de rest van het leven stelt schrijverschap eisen waaraan ik niet kan voldoen. Ik heb dit nog al meegemaakt in mijn leven. Talent genoeg, capaciteiten in overvloed. Maar altijd weer loop ik vast op het feit dat ik op mentaal vlak niet meekan met de rest van de wereld. Het is als bouwen op los zand. Telkens ik een muurtje kan bouwen dat hoog genoeg is om de hoop te wekken dat het wel eens echt tot een huis zou kunnen uitgroeien, stort het in. Ik ben wel koppig genoeg om altijd opnieuw te herbeginnen, maar het vergt heel veel.Misschien te veelMisschien te veel. Dan stel ik me de vraag, kan ik dit wel blijven volhouden. Ben ik mezelf niet aan het opbranden? Zou ik me niet beter gewoon neerleggen bij de ironie van het lot dat mij voorzag van talenten waar ik nooit iets mee zal kunnen bereiken? Waarom mezelf kwellen?
Ik vrees dat ik het antwoord op die vraag wel ken. Er is een capaciteit die mijontbreekt: het kunnen opgeven.
13:00
Gepost door Fatima Ualgasi
in Bedenking |
Permalink
| Commentaren (3)
| Email dit
| Tags: bedenkingen, onzekerheid |
Facebook
|
25-05-07
Dilemma
Nu ik met proza bezig ben, bots ik op problemen die ik als dichter niet kende. Een vriendin vertelt me iets persoonlijk. Ik denk plots: goh, dat zou ik kunnen gebruiken in een verhaal. Oeps...
Ik zie dat verhaal zo voor me. het heeft behalve een klein elementje niets te maken met het verhaal dat die vriendin me vertelde. Maar het komt wel van haar, het is persoonlijk en ik denk dat ze de herkomst wel zou raden. Wat doe je daarmee? Ik zou natuurlijk niet graag zien dat vrienden me niets meer durven vertellen uit schrik dat ik er wel eens een verhaal van zou kunnen brouwen... Langs de andere kant, inspiratie laat ik ook niet graag schieten. Dat soort dilemma's heb ik met poëzie nooit gehad...
13-05-07
Hondenbeet
Woensdagnamiddag viel ik in slaap en ik werd wakker met een idee voor een verhaal waarin ik ondermeer de herinnering kon verwerken van hoe ik als kind door onze hond gebeten werd. s' Avonds zet ik Telefacts op en waarover gaat het: over mensen die door honden gebeten worden. Dat was zo bizar... Het is weer erg actueel blijkbaar, ook in De Standaard vond ik een artikel over een kind dat door een hond zwaar toegetakeld werd.
Het heeft toch nog een paar dagen geduurd voor ik me aan het schrijven van dat verhaal kon zetten. Daarvoor moest ik me die ervaring terug voor de geest roepen en dat is iets wat normaal diep opgeborgen zit. Het verhaal van een van de geïnterviewden, een klein meisje, ik denk jonger dan ik toen was, riep wel heel wat op. Brak me in ieder geval het hart om haar verwondingen te moeten zien. Ik geloof wel dat littekens, tastbare zowel als niet tastbare bij het leven horen: wie niks meemaakt, leert ook niet veel. Maar ik weet ook hoe slecht je medemensen daar soms mee omgaan. Mensen kunnen ontzettend hard voor elkaar zijn.
Ik heb geluk gehad op dat vlak. Het litteken dat ik er zelf aan overhield is klein en valt de meeste mensen zelfs niet eens op, alhoewel het zich midden in mijn gelaat bevindt, op mijn neusrug. Dat had heel anders kunnen zijn, hadden mijn grootouders zich gehouden aan het advies van de arts die mij op de spoeddienst behandelde. Gewoon zo laten, zei die, hechten kan niet, de wonde is te groot. Ik heriner me mijn wanhoop, toen ik de wonde zelf zag. Ik was al dik, half Marokkaans, een meisje terwijl ik een jongen had moeten zijn, ik leefde bij mijn grootouders in plaats van bij mijn ouders, alles aan mij was al raar en vreemd. Daar nog een gat in mijn gezicht bovenop... Ik voelde me gebroken. Gelukkig lieten mijn grootouders het er niet bij. Een plastisch chirurg bedekte de wonde met een stukje huid van op mijn dij en weg was het gat.
Psychologisch liet het duidelijker sporen achter. Ik hou tot op de dag van vandaag niet van honden. Sommige individuele honden mag ik wel. Maar de meeste honden wantrouw ik en als ik een confrontatie kan vermijden, doe ik dat zeker. Ik zou in ieder geval nooit zelf een hond in huis halen. Dat is ook een rechtstreeks gevolg van die ervaring. Want wat ik daaruit het meest van al heb geleerd, is dat ik honden niet begrijp en dat met hen omgaan daarom voor mij niet aan te raden is.
Als een kind door een hond gebeten is, duikt altijd de discussie op of het kind de aanval misschien op een of andere manier heeft uitgelokt. Ik vond een artikeltje op het internet waarin een aantal vuistregels worden opgesomd. Ik kan alleen maar zeggen dat ik destijds niets heb gedaan wat die aanval kon verklaren, tenzij misschien puntje 7 uit de lijst: misschien keek ik de hond te lang in de ogen. Hij viel me in ieder geval aan op het moment dat ik hem wilde knuffelen, dus ik had mijn gezicht inderdaad dicht bij zijn kop. Ik was ook alleen met de hond, in de stuurcabine van Opa's vrachtwagen. Vele jaren later ontdekte de dierenarts wel dat de hond aan epilepsie leed en hij zei dat datwellicht zijn agressieve buien (ik was het eerste maar niet het enige slachtoffer)verklaarde.
Ik leerde uit het hele gebeuren dat honden onvoorspelbaar zijn. Je mag nog zovoorzichtig zijn en hen geen strobreed in de weg leggen, dan nog kunnen ze zich plots omdraaien en hun tanden in je zetten. Zo komen ze toch op mij over. Misschien, heb ik later soms gedacht, is het dat ik hun lichaamstaal niet begrijp en dat de aanval daardoor als een complete verrassing kwam. Als ik kijk naar programma's over hoe je met honden moet omgaan, dan voel ik ook altijd dat het tussen mij en honden gewoon niet kan. Ze vragen een aanpak die mij eigenlijk intrinsiek tegensteekt. Zonder dat het echt een fobie is, ga ik ze dus gewoon liever zo veel mogelijk uit de weg.
De manier waarop het idee voor dat verhaal zich aan mij manifesteerde, deed me overigens denken aan het concept totemdieren. Ik heb ooit eens op het internet wat daarover opgezocht. Ik ben geneigd om erin te geloven, moet ik toegeven (ik ben een beetje eclectisch op spiritueel vlak). Er zijn in mijn leven dieren die altijd terug opduiken ofwaarmee ik me op een of andere manier verbonden voel. In positieve zin maar ook in negatieve. Zo bestaat er bijvoorbeeld ook het concept schaduwtotem, een dier waar je bang voor bent en waardoor je misschien zelfs aangevallen bent. Ik denk dan ook dat honden voor mij zo'n schaduwtotem vormen. Sommige mensen overwinnen hun angst voor dat dier en volgens de totemdierentheorie zou je in ieder geval moeten proberen om de eigenschappen van zo'n schaduwtotem toch in je leven te incorporeren. Bij mij zal dat nooit gebeuren, denk ik, de hond is een dier dat mij in het algemeen tegenstaat: leven in een roedel met een duidelijke hiërarchie, volgzaamheid, hun bereidheid om voor ons mensen te werken, de toch tamelijk autoritaire aanpak die ze vergen... Het zijn allemaal niet directeigenschappen die hoog in mijn eigen vaandel staan. Wie weet, misschien is dat gewoon de les die ik uit mijn confrontatie met de hond als totem moest leren, dat ik dat soortdingen beter uit de weg ga...
Dit bericht verschijnt ook op Vers Bloed, de blog die bij de gelijknamige masterclass hoort.
12:30
Gepost door Fatima Ualgasi
in Bedenking |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: bedenkingen, hondenbeet, verhaal, totemdieren |
Facebook
|
17-03-07
Bizarre personages
De menselijke geest kruipt waar hij niet gaan kan. Ik zie me er ooit nog wel eens een verhaal over schrijven, over zo'n poppenman (ik denk dat ik misschien zelfs al weet waar ik zo iemand zou kunnen gebruiken). Ik hou van ongewone of bizarre mensen als hoofdpersonages. Ze zijn boeiend om te exploreren. In het kader van de masterclass schreef ik een verhaal over een vrouw die voortdurend haar stappen telt. Ik durf ook al wel eens 2 keer na elkaarcontroleren of ik de deur echt wel heb dichtgedaan. Maar zoiets als dat stappentellen zou in mijn hoofd nooit opkomen. Ik hou niet van getallen en nog veel minder van tellen, dus de gedachte om er continue mee bezig te zijn, klinkt voor mij als het soort nachtmerrie waaruit je badend in het zweet wakker wordt.
Maar er zijn mensen die dat doen. Ik zag ooit eens een reportage (ik denk dat dat nog van Jambers was destijds) over een vrouw die met een kam op de franjes van haar tapijten te keer ging, tot ze allemaal precies rechtlagen en dan mat ze met een lineaal af waar de stoelen precies moesten staan. Begin er maar aan... Ergens anders ging het over een vrouw die een fobie had voor grote bouwwerken, dingen zoals zendmasten, watertorens,windturbines en dergelijke. In die documentaire ging een psycholoog met die vrouw naar zo'n ding toe, om haar te helpen haar angst te overwinnen. Geen sinecure want ze was echt doodsbang, dat zag je.
Het was voor mij een uitdaging om in het hoofd van zo'n personage te kruipen. Om er logica in te vinden. Want ergens is die er wel, ook als het allemaal erg irrationeellijkt. Toch op een bepaalde manier en tot op zekere hoogte. Tot op zekere hoogte kan ik bijvoorbeeld die vrouw met haar franjes begrijpen. Ik vind dat ook geen zicht als die door elkaar liggen. Maar mijn oplossing zou zijn: tapijten kopen zonder franjes, of de franjes eraf halen. Maar vanuit een ander soort logica neem je inderdaad op een dag een kam en je kamt ze recht. En vanaf daar is het maar een klein stapje voor het echt pathologisch wordt.
12:30
Gepost door Fatima Ualgasi
in Over schrijven |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: personages |
Facebook
|
16-03-07
Een vogel op een tak

Om het nog eens over schrijven zelf te hebben, dit weekend schreef ik een gedicht over fotografie. Of liever over de onmogelijkheid daarvan. Voor mij toch. Ik bots daarin op dezelfde grenzen als bij het schrijven. Ik zet er misschien het gedicht even bij, al weet ik niet of het al zijn definitieve vorm heeft.
Zoeker
een kom eieren op tafel
in het ochtendlicht
dat door de lens valt
lijken de eierschalen van fluweel
ik druk af en nog eens
og eens en nog eens
en nog eens
in mijn hart weet ik het al
maar mijn oog wil zich
niet losmaken van het beeld
aan het toestel ligt het niet
zelfs niet aan de fotograaf
de foto is geslaagd
niets op aan te merken
er staat alleen niet op
wat ik zag
Met sommige van mijn gedichten wil ik eigenlijk niets anders doen dan een moment of plaats of voorwerp beschrijven dat mij getroffen heeft, in het diepst van mijnhypergevoelige ziel. Iets waarvan ik weet dat ik er voor de rest van mijn leven aan ga blijven hangen. Ik weet dat ik nog honderden foto's ga maken van eieren in hetochtendlicht, gewoon omdat dat zo ongelooflijk onvoorstelbaar hartverscheurend mooi is. Ik ga dat blijven doen, ook al of juist omdat ik weet dat ik het toch nooit in beeld gakrijgen, dat wat ik juist zie op dat moment. Misschien is het omdat ik maar een amateurtje ben dat er maar af en toe eens in slaagt een deftige foto te maken. Misschien ben ik ook op vlak van poëzie maar een prutser die iets probeert wat bij voorbaat tot mislukken gedoemd is, al was het maar omdat het al zo vaak gedaan is. Misschien moet ik dat soort gedichten maar voor mezelf houden.
Het is alleen dat ik die diepe noodzaak voel om zo'n ervaring met anderen te delen. Ik heb daar zelf zoveel aan en dat wil ik dan zo graag aan anderen geven. Hoe slecht ik mij soms voel, zo'n schaal eieren, de anemoontjes op mijn vensterbank, een hand die op je schouder wordt gelegd, een kind dat bij je op schoot kruipt, de herinnering aan eenzandpad tussen wilde rozenstruiken 17 jaar geleden op het eiland Hiddensee, dat maakt zoveel goed.
Toen ik nog jong en naïef was, sleurde ik mensen al wel eens mee naar plaatsen waarvan ik ondersteboven was. Ik dacht dat dat genoeg was en dat ze hetzelfde zouden zien als ik. Dat was - op een enkele uitzondering na - meestal niet zo'n denderende ervaring... Ze zagen het niet of pas als ik het uitgelegd had. Het uitdrukken met woorden op papier werkt toch beter. Maar het is niet de gemakkelijkste weg en soms mislukt het jammerlijk. En joost mag weten of iemand het ooit zal willen lezen, laat staan uitgeven of - godbetert - kopen. Dat zal mij er toch niet van weerhouden om die gedichten te schrijven of zo'n foto's te maken.
Stefan herinnerde me tijdens een van de workshops aan het werk van Roland Jooris. Van hem zal ik me altijd dit vers herinneren: "bijna niets om naar te kijken, en juist dat bekijk ik". Dat vat het allemaal samen. Bij hem was dat in dat gedicht een vogel op een tak. Voor mij is het misschien een kat die naast mij toekijkt hoe mijn vingers over het toetsenbord gaan. Of een vuurrode bol zon, die door de ochtenmist priemt, terwijl een fazant naar voedsel scharrelt. Allemaal zo gewoon en zo cliché als maar kan zijn, maar zo mooi. Ongelooflijk onvoorstelbaar hartverscheurend mooi.
21:15
Gepost door Fatima Ualgasi
in Over schrijven |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: over schrijven, fotografie, schoonheid, roland jooris |
Facebook
|
07-03-07
Gedicht "Weggaan"
Tot mijn ontzetting vastgeteld dat mijn gedicht "Weggaan", dat destijds door de lezers van Meander werd verkozen tot Gedicht van het jaar 1999, ondertussen als zo'n 270 keer op het internet vermeld is, meestal door mensen die tekst op hun eigen site of op een gedichtensite plaatsen. Zelfs als ik in mijn leven niets anders presteer, dan zal ik dus toch nog het genoegen mogen smaken te weten dat ik éénonsterfelijk gedicht geschreven heb. Slecht is dat niet, maar de perfectionist in mij zou er toch liever twee geschreven heben dan één :-) Of nog meer natuurlijk.
15:21
Gepost door Fatima Ualgasi
in Algemeen |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: weggaan, gedicht, bekendheid |
Facebook
|
06-03-07
Dubbelleven
Het dubbelleven zet zich verder. Enerzijds is er dit alles. Anderzijds heb ik voor een nieuw blogproject, waar ik voorlopig nog verder niks over kan zeggen, een layout gemaakt waar ik oprecht trots op ben. En ik ben bezig met schrijven. Er is een nieuw gedicht, dat ik hier straks ook opzet. Vannacht plots inspiratie gehad voor een verhaal waar ik al een tijdje mee bezig ben, maar strop zat omdat ik na de inleiding niet wist hoe het verder moest. Ik had net mijn ogen dichtgedaan, toen ze terug wijdopen schoten. Ik had twee personages, die elkaar hadden ontmoet, in de woestijn nog wel, maar dan??? Nu weet ik terug wat er gaat gebeuren. Toch voor de volgende paar pagina's.
17:42
Gepost door Fatima Ualgasi
in Over schrijven |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: over schrijven, inspiratie |
Facebook
|
13-02-07
Esther Jansma
De Nederlandse Esther Jansma is naast dichteres ook archeologe. Van haar heb ik haar debuut "Stem onder mijn bed" op mijn boekenrek staan. Ik lees haar graag. In haar stijl leek ik iets van mijn eigen stijl te herkennen.
Nu verneem ik dus dat ik nog iets met haar gemeenschappelijk blijk te hebben. Merkwaardig is dat. Archeologie interesseert mij ook al vele jaren lang en ook bij mij duikt dat onderwerp soms op in mijn gedichten. Ergens heeft voor mij het schrijven van gedichten wel enige verwantschap met archeologie. Vergt evenveel zorg en geduld, om uit een put vol woorden schatten naar boven te halen. Voorzichtig borstelen, reinigen,polijsten en scherven in elkaar puzzelen.
Meest gewaardeerd in de bundel "Stem onder mijn bed":
- Swammerdamstraat
- In de achtertuin
- Vooruitblik
- Moment
- Opgraving
- Archeologie
13:45
Gepost door Fatima Ualgasi
in Over schrijvers |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: esther jansma, stem onder mijn bed, dichteres, archeologie |
Facebook
|
02-02-07
Woorden: hiernamaals
Zo'n mooi woord, daar wil ik na mijn dood best wel naartoe gaan. Doet me ook denken aan een woord van bij Guido Gezelle: hiernederwaart. Mooie oude plechtige woorden.
23:05
Gepost door Fatima Ualgasi
in Woorden |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: woorden, hiernamaals |
Facebook
|
Woorden: zon
Er zijn zo van die woorden.Woorden die iets in mij oproepen. Of die ik gewoon mooi vind, hun vorm, hun klank, of waar ze voor staan. Woorden waaraan ik bijzondereherinneringen heb. Tot nog toe krabbelde ik ze gewoon ergens op een stukje papier, die woorden en dan raakten ze ondergesneeuwd tussen andere bladen. Nu ik toch ditschrijfdagboek heb, kan ik ze misschien beter hier zetten, bedacht ik. Dan kan ik ze bovendien nog linken aan foto's en zo.
Zon
Laat ik beginnen met een van de allereerste woorden die ik ooit leerde lang geleden in het 1ste leerjaar bij juffrouw Janine. Dat woord is "zon". Wat ik leuk vind aan zon, afgezien van het feit dat het het eerste was en dat ze ons licht en warmte schenkt, is de vorm van het woord. Z en N zijn eigenlijk hetzelfde teken, maar dan gekanteld, planeetjes of satellietjes die tegelijk om hun eigen as en rond de O draaien. Zo'n klein woord en toch een compleet zonnestelsel op zich. Soms doet taal wonderen!
27-01-07
Tweede bijeenkomst masterclass
De masterclassbijeenkomst van vandaag was voor mij erg inspirerend. Ik ben nadien een cafe ingedoken met mijn dichtbundel in spe. Ik had nooit meteen naar huis kunnen gaan, want dan was ik het kwijt geweest, die drive om te schrijven. Dus heb ik een theetjebesteld en alle gedichten nog eens bekeken, hier en daar wat geprutst, geschrapt of gemarkeerd om later verder over na te denken Tegen dat ik daarmee klaar was, snakte ik ongelooflijk hard naar mijn pc om het allemaal te kunnen invoeren. Schrijven gaat bij mij in twee fases. De "manuele" fase waarin ik vooral denk en dingen gewoon met de hand opschrijf. Maar dan komt er een punt waarop ik weet dat het vanaf dan eigenlijk alleen maar digitaal verder kan: knippen, plakken en deleten. Je kan dat voor een stuk ook wel met de hand, maar dan krijg je zo'n knoeiboel dat je het meteen moet overschrijven en dat onderbreekt je "flow".
Ik vervloek dus de dag - lang, lang geleden, toen ik nog geld had in plaats van schulden - dat ik een desktop kocht in plaats van een laptop. Ik zou er goud voor geven om op café te kunnen gaan zitten met mijn digitaal werkinstrument bij mij in plaats van te moeten onderbreken om naar huis te gaan, Ik weet dat het voor sommige mensen ondenkbaar klinkt, maar schrijven gaat voor mij het best elders dan thuis, waar de afwas smeekt om gedaan te worden, katten zich verdringen om het kleine plekje tussen het klavier en mij te kunnen bemachtigen of om met hun achterste op de toetsen een heel eigen gedicht te produceren en met de tv die mij lokt met boeiende documentaires of goeie films, enz...Van het lawaai om me heen kan ik me heel goed afsluiten. Kan zelfs inspirerend zijn: ik hou bijvoorbeeld eendocumentje bij met gepreksflarden die ik ooit heb opgevangen en die me om een of andere reden troffen. Het enige probleem is dat je nogal opvalt als je zit te schrijven. Vooral de momenten dat je met je blik op oneindig voor je uit zit te staren. Of nog erger, dat plots tranen opwellen omdat het onderwerp zo gevoelig ligt. Langs de andere kant zal dat mij toch nooit tegenhouden. Het bepaalt hoogstens de keuze van het café: liefst individuele tafeltjes.
Het was in ieder geval lang, héél lang geleden dat ik nog eens dat plezier aan het schrijven heb beleefd. Daar kan je toch zo'n deugd van hebben. Dat je plots ziet wat je wil zeggen en waarom daar dat woord moet staan en niet een ander. Het onbeschrijfbare genoegen van alles op zijn plek te zien vallen als stukken van een machine die in naadloos elkaar klikken. Iedere keer als ik een tijdlang niet geschreven heb en er dan terug mee begin, vraag ik me af hoe het mogelijk is dat ik me dat gevoel een tijd heb latenafpakken. Het zou niet mogen zijn, maar de laatste jaren is mijn strijd om gewoon te overleven zo groot geweest dat er geen ruimte was voor wat anders. Ik kan me nu wel voornemen "nooit meer", maar ik vrees ervoor...
Wat ik ook merk, ik ben in de afgelopen jaren ouder geworden. Op vlak van het schrijven dan. Ik ken mijn trukendoos beter. En ik kan dingen zien die ik vroeger niet zou gezien hebben, omdat ik toen vaak nog te dicht op mijn eigen werk zat. Ik kan beter afstand nemen van wat ik zelf geschreven heb. Ik weet niet of dat met leeftijd te maken heeft of met zoiets als vakkennis. Maar het is wel heel leuk. Het maakt dat ik nu gedichten kanafwerken waar ik jarenlang mee strop gezeten heb. Zalig is dat :-)
Enfin, op zijn minst ben ik op vlak van het schrijven momenteel een gelukkige mens. Nu de rest nog...

